nederlandse taal
english language

 
Poetry International Web
en/nl
dutch news
previous | next
 
 
 

HET BLOZEND BEEST
Kon ik dan leven zonder hem?
Vulde mijn lichaam zich niet telkens als hij kwam
met trotse koppigheid die paarden dampen doet,
met boterdikke vreugde? Stroomde als ik hem zag
mijn bed niet vol; sprongen mijn kasten dan niet open;
vloeide mijn zand niet in patronen op de vloer;
sneed mijn brood zich niet hunkerend in schrijven;
lekte mijn honing niet de trillende lepels af?
Ik rende als eekhoorn over dunne twijgen,
spiegelde me als een metalen vat in de vaart,
vouwde me als het linnengoed vierkant op de planken,
gloeide als het blozend beest in de haard. Wakend
sta ik als een stoel in de kamer. Als het zijn tijd is,
vlieg ik krijsend uit met de zwaluwen vanonder
de dakrand. Hoe sterf ik als hij er niet meer is?
THE BLUSHING BEAST
Could I live without him then?
Did not my body fill itself each time he came
with stubborn pride that makes the horses steam,
with butter-rich delight? Did not my bed fill up
when I saw him; did not my closets burst then;
didn’t my sand cascade in patterns across the floor;
didn’t my bread cut itself with longing into slices;
didn’t my honey trickle down the quivering spoons?
I ran across thin twigs just like a squirrel,
mirrored myself like a metal can in the canal,
folded myself squarely like linen on the shelves,
glowed like the blushing beast in the fireplace. Watchful
I stand like a chair in the room. When his time comes,
I’ll fly out screeching with the swallows from below
the eaves. How will I die when he’s no longer here?